Rechter stelt Suburbia in het gelijk
Besluit Fonds Podiumkunsten vernietigd
De rechtbank Midden-Nederland heeft het beroep van theatergroep Suburbia tegen het afwijzende subsidiebesluit van het Fonds Podiumkunsten gegrond verklaard. Het Fonds moet binnen tien weken een nieuw besluit nemen met inachtneming van de uitspraak.
Volgens de rechtbank heeft het Fonds Podiumkunsten onzorgvuldig gehandeld bij de beoordeling van de subsidieaanvraag van Suburbia. Het advies van de Adviescommissie en het daarop gebaseerde oordeel van het Fonds, schiet op meerdere onderdelen tekort volgens de rechtbank. Daarom draagt de rechter het Fonds Podiumkunsten op om drie van de vier criteria (‘artistieke kwaliteit’, ‘publieksfunctie’ en op ‘betekenis voor de Nederlandse Podiumkunsten’) het advies en besluit te herzien.
Suburbia was eerder al op onderdelen in het gelijk gesteld door de Bezwarenadviescommissie van het Fonds Podiumkunsten zelf, maar de door de bezwarencommissie gesignaleerde tekortkomingen waren volgens het Fonds met een nader advies van de Adviescommissie gerepareerd. Deze rechterlijke uitspraak laat echter zien dat het advies nog steeds geen basis kan vormen voor de afwijzing van de subsidieaanvraag.
Eva Line de Boer, artistiek directeur Suburbia: “Mijn eerste gedachte is: eindelijk gerechtigheid. Maar – ook al zijn we opnieuw in het gelijk gesteld - onderschat niet de schade en vertraging die dit advies teweeg heeft gebracht. De onzekerheid eist al anderhalf jaar z’n tol. Onzekerheid voor al onze medewerkers, maar ook voor ons publiek en onze bondgenoten in de Flevolandse culturele sector. En niet te vergeten de impact die dit heeft op de makers, spelers en vormgevers die stonden te springen om aan de slag te gaan. De ontwikkeling van nieuw werk waar zoveel behoefte aan is in onze provincie staat al veel te lang on hold.”
“Hoe vaak moet je gelijk krijgen voordat er iets verandert, vult directeur en bestuurder van Suburbia Jos van Hulst aan; “Tijd, geld en energie die nu naar dit juridische traject gaan, hadden besteed moeten worden aan makers en publiek. We roepen het Fonds dan ook op om over de eigen schaduw heen te stappen.”
Het is nu aan het Fonds Podiumkunsten om de rechterlijke uitspraak te bestuderen en tot een nieuw besluit te komen. De rechtbank heeft aangegeven dat dit binnen een termijn van tien weken dient te gebeuren.
Met vertrouwen kijken we uit naar de uitvoering die het Fonds Podiumkunsten aan deze uitspraak van de Rechtbank Midden Nederland gaat geven.
